
Jordanië-Sinaï 14 dagen
De islamitische cultuur vermengt zich met schatten van oude beschavingen: Jerash, Petra, maar ook de metropool Cairo.
| Van dag tot dag | Overnachtingen |
| 1 t/m 2 Amman (Jerash, Dode Zee) | 2 nachten |
| 3 t/m 4 Petra | 2 nachten |
| 5 Wadi Rum | 1 nacht (bedoeïenenkamp) |
| 6 Aqaba | 1 nacht |
| 7 t/m 8 Dahab | 2 nachten |
| 9 St. Catharina | 1 nacht |
| 10 t/m 14 Cairo | 4 nachten |
Vertrek: steeds op zaterdag
Handelskaravanen trokken door de droge vlaktes van de woestijn naar Mesopotamië, Anatolië en Egypte. Onderweg werden wierook, sieraden en kleurrijke tapijten verhandeld. Tijdens de Arabische overheersing trokken, door diezelfde woestijn, de kamelen met pelgrims richting Mekka. Bedoeïenenstammen sloegen hun tentenkampen op in de uitgedroogde rivierbeddingen en trokken weer verder wanneer de omgeving voor hun kudden geiten niet meer voldoende voedsel bood. Jordanië is altijd een belangrijk centrum geweest op de karavaanroutes. Overblijfselen uit deze periodes zoals de karavanserais, rotsinscripties in het ruige landschap van Wadi Rum en de Nabateese handelsstad ‘Petra’, zul je tegenkomen tijdens de reis. In het zuiden houdt de woestijn op en begint het water. De golf van Aqaba is de natuurlijke grens tussen Jordanië en de Sinaï; het schiereiland van Egypte. Ooit was dit de ‘mijnstreek’ van het hemelsblauw tot appelgroen mineraal turkoois, ten tijde van de farao’s een geliefde siersteen. Vele expedities vonden plaats in de Sinaï met als doel dit turkoois te winnen, met name in de streek rond St. Catharina. Duizend jaar later zou Mozes op deze berg de stenen tafelen in ontvangst nemen en werd er rond het Gouden Kalf gedanst. Twee uitersten maken de Sinaï zo aantrekkelijk: de grillige vlakten van de woestijn en het rijke onder-water- leven van de Rode Zee.
